De kracht van 'goed management/bestuur' in innovatieprocessen
Looptijd 2009 - 2011
Om uitvoering te kunnen geven aan ‘goed bestuur’ moet duidelijk zijn welke factoren van invloed zijn op de professionele relatie tussen bestuurder en schoolleider. Hoe pakken zij hun rol op en wat verwachten zij van elkaar?
In een goed functionerende school vullen bestuur en management elkaar aan vanuit hun eigen rol. Ze zijn van elkaar afhankelijk. Literatuur en praktijkonderzoek hebben vier kernbegrippen opgeleverd om naar de werkrelatie tussen bestuurder en management te kijken: roldefinitie, rolbesef, rolneming en rolvastheid.
Roldefinitie: hoe formuleren bestuur en management hun rollen, welke afspraken zijn er onderling gemaakt? Rolbesef: in welke mate zijn zij zich bewust van elkaars rol? Rolneming: in hoeverre geven zij uitvoering aan die rol en nemen ze die ook proactief. Rolvastheid: de consistentie waarmee zij de rol oppakken en uitvoeren.
Schoolleiders en bestuurders zijn geïnterviewd aan de hand van deze kernbegrippen. Dit leverde inzicht op in hun rollen en de manier waarop ze met die rollen omgaan. De analyse van de interviews heeft geleid tot een instrument waarmee schoolleider en bestuurder hun werkrelatie in kaart kunnen brengen (het reflectie instrument) en hun ambities kunnen formuleren. Het instrument helpt om die ambities ook echt te realiseren.
